De mogelijkheden van Microsoft Copilot worden steeds uitgebreider. Copilot helpt niet meer alleen bij het beantwoorden van vragen of het schrijven van teksten, maar kan ook complete opdrachten uitvoeren en praktische toepassingen bouwen.
Dat biedt kansen, maar kan ook vragen oproepen. Wat verandert er precies in Microsoft Copilot? Wat is het verschil tussen Chat, Cowork en Code? Welke mogelijkheden zijn interessant voor jouw organisatie? En hoe houd je grip op beveiliging, toegangsrechten, beheer en kosten?
Omdat Fourtop ICT deelneemt aan het Frontier-programma van Microsoft, kunnen we nieuwe Copilot-functionaliteiten vroegtijdig bekijken en testen. Zo krijgen we inzicht in de praktische mogelijkheden én de aandachtspunten voor organisaties die ermee aan de slag willen.
In de vernieuwde Copilot-omgeving komen verschillende manieren van werken samen. Chat gebruik je voor snelle vragen en dagelijkse ondersteuning. Cowork is bedoeld voor uitgebreidere opdrachten die Copilot in meerdere stappen uitvoert. Met Code kun je apps, dashboards, trackers en workflows bouwen op basis van een omschrijving in gewone taal. We nemen je mee in de belangrijkste vernieuwingen.
Microsoft ontwikkelt Copilot van een digitale assistent naar een centrale werkomgeving waarin je kunt vragen, delegeren en bouwen.
Binnen Home komen Chat en Cowork samen. Vanuit deze omgeving kun je snel een vraag stellen, maar ook een grotere taak aan Copilot overdragen. Word, Excel en PowerPoint worden bovendien verder geïntegreerd, zodat Copilot rechtstreeks bewerkbare documenten, werkmappen en presentaties kan maken of aanpassen.
Met Code komt daar een nieuwe mogelijkheid bij: het bouwen van kleine, doelgerichte toepassingen. Je beschrijft wat je nodig hebt, waarna Copilot bijvoorbeeld een dashboard, tracker, interne app, automatisering of workflow kan maken. Hiervoor is niet altijd uitgebreide programmeerkennis nodig.
Chat is de vorm van Copilot die veel gebruikers al kennen. Je stelt een vraag en krijgt direct een antwoord op basis van je instructie en, afhankelijk van de gebruikte versie en ingestelde rechten, de beschikbare informatie binnen Microsoft 365.
Je kunt Chat bijvoorbeeld gebruiken voor:
Chat werkt snel en is vooral geschikt voor losse vragen en afgebakende taken. Voor veel dagelijkse werkzaamheden blijft dit het meest logische startpunt.
Cowork gaat een stap verder dan een losse vraag in Chat. Je geeft Copilot een doel of complete opdracht, waarna Copilot het werk in meerdere stappen uitvoert.
Denk bijvoorbeeld aan de opdracht om informatie uit verschillende documenten en gesprekken te verzamelen en daarvan een klantbriefing te maken. Cowork kan de benodigde bronnen bij elkaar zoeken, informatie ordenen en verwerken tot een bruikbaar eindresultaat.
Voorbeelden van opdrachten voor Cowork zijn:
Microsoft omschrijft Cowork als een omgeving voor werk dat je aan Copilot delegeert. Je geeft aan wat het gewenste resultaat is en Cowork voert de opdracht van begin tot eind uit. Jij blijft daarbij verantwoordelijk voor de controle en kunt het resultaat beoordelen en bijsturen.
Het belangrijkste verschil zit in de omvang van de opdracht.
Chat is geschikt voor een directe vraag of een relatief korte taak. Je vraagt bijvoorbeeld om een samenvatting, een uitleg of een eerste tekstversie.
Cowork is bedoeld voor complexer werk dat uit meerdere stappen bestaat. Je geeft Copilot een duidelijk doel, waarna het zelfstandig informatie verzamelt, verwerkt en samenbrengt.
In het kort:
Code maakt het mogelijk om vanuit een omschrijving in normale taal een praktische toepassing te bouwen. Je hoeft daarvoor niet altijd zelf te kunnen programmeren.
Je kunt Copilot bijvoorbeeld vragen om:
Copilot kiest vervolgens een passende technische aanpak en bouwt de toepassing. Volgens Microsoft werkt Code op dezelfde onderliggende technologie als GitHub Copilot en kan de oplossing in een afgeschermde omgeving binnen de Microsoft 365-tenant worden uitgevoerd.
Een voorbeeld van een toepassing is een Weekly Focus Planner. Deze geeft inzicht in je werkweek op basis van informatie uit je agenda en activiteiten binnen Microsoft 365.
Per dag kun je bijvoorbeeld zien:
Voor projectmanagers, consultants en andere medewerkers met veel afspraken kan zo’n overzicht helpen om bewuster met beschikbare tijd om te gaan.
Een andere toepassing is een dashboard waarin je per klant ziet welke trajecten zijn uitgevoerd. De informatie kan bijvoorbeeld worden gebaseerd op goedgekeurde offertes, technische documentatie en bijbehorende SharePoint-mappen.
Het dashboard kan vervolgens inzicht geven in:
Waar medewerkers eerder handmatig door verschillende SharePoint-mappen moesten zoeken, ontstaat nu één centraal overzicht. Dat kan tijd besparen en maakt informatie eenvoudiger toegankelijk.
Welke gegevens daadwerkelijk kunnen worden gebruikt, hangt af van de beschikbare databronnen, koppelingen, inrichting en toegangsrechten binnen de organisatie.
Code is niet alleen bedoeld voor softwareontwikkelaars. Ook medewerkers zonder uitgebreide programmeerkennis kunnen een toepassing beschrijven en laten bouwen.
Dat betekent niet dat technische kennis en controle overbodig worden. Bij een simpele persoonlijke tracker is het risico beperkt, maar bij een toepassing die bedrijfsgegevens verwerkt of door meerdere collega’s wordt gebruikt, zijn extra controles nodig.
Denk daarbij aan:
Hoe belangrijker de toepassing voor een bedrijfsproces wordt, hoe noodzakelijker professioneel beheer en toezicht zijn.
Toepassingen die met Code worden gemaakt, kunnen binnen de organisatie worden gedeeld. Daarbij blijven de rechten van de gebruiker bepalend.
Een gebruiker hoort alleen gegevens te zien waartoe deze persoon binnen Microsoft 365 toegang heeft. De maker van een toepassing geeft zijn of haar eigen toegangsrechten dus niet automatisch door aan andere gebruikers.
Dat is een belangrijk uitgangspunt, maar geen reden om rechtenbeheer achterwege te laten. Als medewerkers te ruime toegang hebben tot SharePoint, Teams of andere databronnen, kan een toepassing die bestaande toegang mogelijk ook benutten. Goed ingericht identiteits- en toegangsbeheer blijft daarom essentieel.
Controleer vóór ingebruikname onder andere:
Cowork en Code voeren uitgebreidere, agentische werkzaamheden uit. Microsoft geeft aan dat Cowork, Code en andere langdurige agentfuncties gebruikmaken van usage-based billing. De kosten zijn daarmee afhankelijk van het daadwerkelijke gebruik.
Het is daarom verstandig om vooraf afspraken te maken over:
Microsoft introduceert hiervoor aanvullende FinOps for AI-mogelijkheden. Beheerders kunnen onder andere uitgavenbeleid toepassen, kredietaanvragen laten aansluiten op bestaande goedkeuringsprocessen en inzicht krijgen in gebruik en resterende credits.
Een centrale aanpak helpt voorkomen dat meerdere medewerkers los van elkaar dezelfde toepassing bouwen of dat toepassingen blijven draaien zonder duidelijke eigenaar.
De techniek maakt het steeds eenvoudiger om snel iets te bouwen. Toch is het verstandig om niet direct met grote of bedrijfskritische processen te beginnen.
Een praktische aanpak bestaat uit de volgende stappen:
Met Chat, Cowork en Code wordt Microsoft Copilot breder inzetbaar. Het gaat niet meer alleen om sneller schrijven of informatie samenvatten. Copilot kan ook werk uit handen nemen en helpen bij het bouwen van praktische oplossingen.
De meeste waarde ontstaat wanneer een organisatie niet begint bij de techniek, maar bij een concreet werkproces. Welke terugkerende werkzaamheden kosten veel tijd? Welke informatie is lastig te vinden? Waar worden regelmatig dezelfde overzichten gemaakt? En welke processen kunnen eenvoudiger zonder de controle uit handen te geven?
Door op kleine schaal te starten, resultaten te meten en vooraf afspraken te maken over rechten, beheer en kosten, kun je de nieuwe mogelijkheden gecontroleerd inzetten.
Wil je weten wat Chat, Cowork en Code voor jouw organisatie kunnen betekenen? Of heb je vragen over Copilot Credits, beveiliging, toegangsrechten, governance of een concrete toepassing?
Fourtop ICT helpt je graag om de mogelijkheden te vertalen naar de dagelijkse praktijk. We kunnen samen geschikte use cases bepalen, de Microsoft 365-omgeving beoordelen en afspraken maken over veiligheid, beheer en kosten. Zo zet je Microsoft Copilot niet alleen vernieuwend, maar vooral praktisch en verantwoord in.
Lees voor meer technische achtergrond de aankondiging op het officiële Microsoft-blog over de nieuwe Copilot.
Chat is bedoeld voor snelle vragen en afgebakende taken, zoals samenvatten, uitleggen of schrijven. Cowork is bedoeld voor complete opdrachten die uit meerdere stappen bestaan. Hierbij kan Copilot informatie verzamelen en verwerken tot een eindresultaat.
Niet altijd. Je kunt in gewone taal beschrijven welke app, tracker, workflow of dashboard je wilt. Voor toepassingen met gevoelige gegevens, complexe processen of veel gebruikers blijft technische controle wel belangrijk.
Ja, toepassingen kunnen binnen de organisatie worden gedeeld. De bestaande toegangsrechten van de gebruiker blijven daarbij bepalend. Een gebruiker kan alleen gegevens gebruiken waarvoor deze persoon de juiste rechten heeft.
Cowork en Code maken gebruik van verbruiksafhankelijke functies. De kosten kunnen daardoor afhangen van het gebruik. Het is verstandig om budgetten, gebruiksafspraken en monitoring centraal in te richten.
Microsoft biedt technische mogelijkheden voor beveiliging, toegangsbeheer en governance binnen de Microsoft 365-omgeving. De uiteindelijke veiligheid hangt ook af van de inrichting van de tenant, bestaande toegangsrechten, gegevensclassificatie en interne gebruiksafspraken.
Fourtop ICT helpt bij het selecteren van geschikte toepassingen, het beoordelen van de Microsoft 365-omgeving en het maken van afspraken over beveiliging, toegangsrechten, governance, beheer en kosten.